Waarom het afleren van ongewenst gedrag eigenlijk geen zin heeft en wat je dan wél kan doen.

Je leest het overal: “mijn hond graaft in de tuin, hoe leer ik dit af?” Of “mijn hond trekt aan de lijn, hoe kan ik hem dit afleren?” Of zelfs “mijn hond is bang, hoe leer ik dit af?”. 

Misschien stel jij wel de vraag hoe je je hond iets afleert bij het gedrag dat je hond soms laat zien.

Ik leer een hond nooit gedrag “af”. Jup, je leest het goed… Ik leer een hond nooit iets af en raad jou aan om dat ook niet te doen. Ik zie niet in waarom ik dat zou doen? Voor een hond is graven een natuurlijke behoefte, dat hoort bij het hond zijn. Ik wil hem dit niet afleren en bovendien is dat vrijwel onmogelijk… Het hoort nl. bij het “hond zijn”.

De belangrijkere vraag is: waarom doet die hond dat?

Ontwerp zonder titel

Graaft hij omdat het natuurlijk gedrag is en die hond op die manier met stress of overtollige energie omgaat? 

Dan kan je beter een zone in de tuin voorzien waar hij die behoefte kan uiten. Waar hij mag graven zodat hij die energie en frustratie of stress kwijt kan! 

Want als hij die energie of stress niet meer kwijt kan… Wat dan?
De kans is groot dat de hond dit op een andere manier zal moeten uiten.. Zoals bijvoorbeeld door je zetel in stukjes te kauwen of door de buurt bij elkaar te blaffen. Of erger: hij begint graven in te zetten om met stress om te gaan maar doet dit dan op plekken waar het helemaal niet kan zoals op beton en kan zichzelf verwonden.

 

Graaft die hond omdat er niet aan zijn behoeften wordt voldaan? Of graaft die hond omdat hij zich verveelt? Misschien graaft die hond wel omdat hij pijn ervaart?

Een hond doet nooit iets “zomaar” en meer nog, hij heeft altijd een goede reden voor zijn gedrag. Het jammere is dat wij niet altijd begrijpen wat die reden is.

Een hond kan “ongewenst” gedrag laten zien omdat er niet aan zijn behoeften wordt voldaan. Tjah… Dan is het misschien een binnenkopper maar moet daar wat aan gedaan worden. Een hond met te weinig beweging, maar evengoed met te weinig rust kunnen allebei ernstige problemen ondervinden.

Waarom je zelf ook best niets zou willen "afleren"

Er zijn een aantal problemen met “afleren” waar jij zowel jij als eigenaar maar ook je hond de dupe van worden…  

Je hond weet nog steeds niet wat hij WEL mag doen...

In een gelijkaardige situatie kan hij dus ofwel hetzelfde opnieuw proberen (dus opnieuw dat ongewenste gedrag blijven vertonen omdat hij niet weet wat hij wel moet doen), ofwel iets nieuws proberen. Hetgeen hij dan probeert kan zelfs nog “slechter” zijn dan zijn initiële gedrag. En als jij er dan niet op tijd bij bent of het is gedrag dat zichzelf beloond, tjah… Dan heb je eigenlijk gewoon een ander ongewenst gedrag aangeleerd dat mogelijk nog “erger” of onwenselijker is dan het eerste… 

Voorbeeld: een hond probeert eten te “stelen”. (buiten het feit dat het voor honden normaal gedrag is dat ze restjes opeten die blijven staan.) Hij wordt gestraft voor het “stelen” van het eten. Hij leert dat als het eten er staat en jij 2 seconden niet kijkt, hij dit alsnog kan stelen, maar MET succes. Hij leert dus dat hij eten wel mag/kan stelen maar dat hij moet wachten tot jij ver genoeg bent of even niet kijkt. Dit gedrag is dan enorm moeilijk om te buigen omdat het zich altijd/enkel voordoet als jij net niet in de buurt bent…

Je bent per definitie altijd te laat.

Je straft NA de feiten. Dit impliceert 2 zaken:

  1. je hond moet eerst wel iets “verkeerd” doen, anders leert hij niets.
  2. En dat impliceert ook dat als het gedrag is dat zichzelf beloond, je hond al z’n beloning heeft ontvangen bij datgene wat jij net niet wil zien.

Voorbeeld: je hond steelt eten. De beloning is het eten. Om dit dan “af te leren” moet hij eerst eten stelen om dan te straffen. Maar eens hij het eten heeft… Tjah, heeft hij z’n beloning al ontvangen voor het stelen…

Hij moet eerst iets “fout” doen vooraleer hij iets kan “leren”.

Dat wil zeggen dat hij ook het “foute” elke keer opnieuw oefent… En hoe meer hij iets oefent, hoe beter en zelfverzekerder hij daarin wordt.

De manier of methode. HOE ga je iets “afleren”?

Hier komt vrijwel altijd angst, intimidatie of zelfs pijn of fysiek ongemak bij kijken. Er wordt gebruik gemaakt van “aversie” of iets onaangenaams dat vaak zo onaangenaam is dat de hond het absoluut (zou) wil vermijden. Denk hierbij dan aan rukjes aan de lijn, een sliplijn die de nek dichtsnoert, een blikje dat naar de hond wordt gegooid om hem te doen schrikken, een schokband, een trap in de zij of dergelijke aversieve trucjes. Don’t know about you maar dit is niet een manier hoe ik met mijn hond wil omgaan. Bij het gebruik van angst, intimidatie of pijn bestaat uiteraard ook nog het risico op “nevenwerkingen” zoals een angstige of onzekere hond of zelfs agressieproblemen en is de kans statistisch gezien het grootst dat er achteraf stressgerelateerde medische problemen bijkomen zoals maag-en darmproblemen, vachtproblemen, “allergieën” die getriggerd worden door stress enz.

Wat moet je vooral wel doen als jij wil dat het gedrag verbetert?

Om te beginnen kan ik het belang van management niet genoeg benadrukken. (Wat management is kan je HIER lezen) Als je hond de kans niet krijgt om iets “verkeerd” te doen, kan hij het ook nooit leren of oefenen. Het komt gewoon nooit in het “gedragsrepertoire” van je hond. Je gaat dus de omgeving of omstandigheden zodanig “managen” dat je hond geen foute keuze kan maken. Wat hij ook doet, hij kan bijna niet de fout in gaan. 

Op die manier doe je 2 dingen: 

  • Je kan met een gerust gemoed je hond de nodige vrijheid geven. 
  • Je hond zal automatisch het “juiste” of gewenste gedrag laten zien omdat hij gewoon bijna niets anders kan. En dat kan jij dan belonen. 

Als je gedrag beloont en als de hond dit echt leuk of aangenaam vindt, zal hij dat gedrag in de toekomst nog meer herhalen. En guess what happens? Hij oefent het JUISTE of gewenste gedrag… Bij genoeg herhaling gebeurt er nog iets leuks, almost magical: het wordt een gewoonte of een automatisme om in gelijkaardige situaties hetzelfde, en dus het juiste of gewenste, gedrag in te zetten. 

HA! Jackpot! Je hond oefent het juiste en herhaalt dit steeds meer en meer omdat dit ‘m ook veel oplevert! Hij krijgt ook de kans of tijd niet om “iets uit te steken” dat jij niet wil omdat jij de omgeving zodanig managed dat dit bijna onmogelijk wordt. 

Eens de hond het gewenste gedrag genoeg heeft geoefend kan je de moeilijkheid opdrijven. Dan kan je afleidingen beginnen toevoegen, andere situaties of omstandigheden toevoegen enz. Doet je hond het “fout”, dan was het waarschijnlijk te moeilijk of teveel in eens en doe je best een stapje terug. 

Dit is misschien abstract dus ik werk even een voorbeeld uit: Je wil je hond leren om geen eten te stelen. 

Wat kan je doen om je hond te leren geen eten te stelen?

Elke keer als er eten op tafel komt, zorg je voor 2 dingen:

Ten eerste zorg je dat je hond fysiek niet aan het eten kan waardoor hij in die situatie ook geen eten kan stelen. Zet het eten desnoods in het midden van de tafel waar de hond niet aankan. Zo voorkom je eventuele “fouten”. 

Ten tweede leer je je hond iets anders aan… Kies maar! Naar z’n mand gaan? In de zetel liggen? Buiten spelen?

Zodra je het eten wil gaan halen om het op tafel te zetten vraag je je hond om dat andere gedrag te doen: naar z’n mand te gaan of in de zetel te gaan liggen. Als je hond dit nog niet kent, bouw je dit ook eerst op! Je geeft je hond daar iets anders heel leuks om te doen. Dit kan een gevulde kong zijn, een kauwbotje of z’n eigen maaltijd, een superleuk speeltje waarmee hij zich alleen kan en wil bezighouden, … You name it. 

Wat leert je hond?

Eten op tafel = leuks voor mij in mijn mand. Hij oefent dus elke keer opnieuw het “naar zijn mand” gaan zodra er eten op tafel komt. Waarom, in godsnaam, zou die hond ooit eten op tafel willen stelen? Hij krijgt zoveel meer leuks en lekkers als hij gewoon in zijn mand gaat met z’n kong of kauwbotje! Hij heeft de jackpot al… Hij leert dus ook nooit om te stelen en zal het niet kunnen “oefenen”. Hij oefent net naar zijn mand gaan als er eten in de buurt komt. Nice deal, right? 😉

De grootste valkuil van hondenbaasjes is dat ze niet kijken naar de oorzaak of de motivatie van het gedrag.

De grootste valkuil hierbij is dat je de oorzaak van het gedrag verwaarloosd. Doet je hond dit omdat het natuurlijk gedrag is en hij geen andere “uitlaatklep” heeft? Dan zullen je pogingen om het gedrag om te buigen hoogstwaarschijnlijk voor andere potentiële problemen zorgen. DE voorwaarde is natuurlijk dat je hond z’n behoeften worden voldaan!

Een andere valkuil is niet consequent zijn of het te moeilijk maken voor je hond. Dit alles zal uiteraard niet werken als hij soms eens naar zijn mand moet gaan of als hij soms eens beloond wordt. Zeker in het begin moet je het heeel makkelijk maken voor je hond. Dat doe je door dit soort alternatief gedrag heel consequent te oefenen en goed te belonen. Als je de ene keer wel iets van tafel gaat geven als hij uit z’n mand komt, en de volgende keer niet.. Of als hij de ene keer in z’n mand goed beloond wordt en de andere keer weer niet… Tjah… Dan kan je van een hond niet verwachten dat hij niet eens een poging waagt om toch dat lekkers te proberen te bemachtigen.

En daar is je “management” dan voor… Loopt het een keertje “verkeerd”, dan haalt hij niets uit z’n gedrag. Hij kan niet aan het eten en komt dus van een kale reis terug… Die mand wordt dan eens zo interessant omdat daar WEL iets te rappen valt. 😉

Daarna, eens je hond dit goed onder de knie heeft en het bijna automatisch doet, dan kan je moeilijkheid of afleiding toevoegen. Bezoek dat blijft eten of een etensrestje dat op de grond valt… Je hond ligt in z’n mand waar hij perfect ok mee is en jij hebt geen strijd. Win-win, I would think. 😉

Wat moet je vooral op letten als jij wil dat het gedrag verbetert?

Het komt er dus op neer dat je gedrag niet “afleert”, maar dat er gewerkt wordt op alternatieven aanleren waardoor je hond het “verkeerde” niet kan doen. Je gaat belonen wat je wel wil zien. 

Hier mag je zoals gezegd NOOIT de oorzaak uit het oog verliezen. De oorzaak van gedrag, of het nu angst, onzekerheid of gewoon het lekkers willen bemachtigen is, is ook cruciaal om je “beloning” te bepalen. 

Stel dat je hond gewoon dat lekkers wil bemachtigen. Dan kan je beloning inderdaad gewoon lekkers zijn op een andere locatie zodat jij rustig kan eten. 

Maar stel nu dat je hond opspringt en klauwt naar dat lekkers omdat hij niet met bezoek om kan en zich zo een “houding” wil geven. Of stel dat je hond trekt aan de lijn omdat hij bang is en weg wil van die andere hond of die situatie? Dan zal jouw lekkers geen beloning zijn voor je hond… De beloning is dan: afstand! Je herkent het vast wel dat zelfs de lekkerste biefstuk dan niet meer werkt… Dat is op zo’n moment voor je hond geen beloning meer, hij wil afstand en ruimte. Hij snakt naar veiligheid. Dat is zijn beloning!

Denk dus goed na over wat je hond nodig heeft of echt wil en gebruik dat als beloning. Kan je hond niet goed met het bezoek om: beloon ‘m dan met iets lekkers weg van het bezoek. Je doet opnieuw 2 dingen: je voorkomt dat je hond “ongewenst” gedrag aanleert t.o.v. bezoek én je beloont gewenst rustig gedrag zoals zelf weggaan en rust opzoeken. (Rust op zich kan ook al een beloning zijn trouwens.)

Als je je hond niets afleert, hoe kom je dan van het ongewenste gedrag af?

Vrij simplistisch gezegd: met het aanleren van gewenst gedrag en dit goed te belonen enerzijds, en het onmogelijk of onwenselijk maken van ongewenst gedrag anderzijds. 

Zo kan je je hond met een gerust gemoed keuzevrijheid geven omdat hij niet in de fout kan gaan. Die keuzevrijheid zal zijn zelfvertrouwen bevorderen en hij wordt beloond met datgene dat hij nodig heeft/echt wil op dat moment wat ervoor zorgt dat hij dat nog meer zal doen in de toekomst.

Wat kan je doen als er al “ongewenst” gedrag is?

Kort door de bocht gezegd: idem… Je zoekt uit waarom je hond doet wat hij doet, en zorgt ervoor dat hij een beter alternatief krijgt waarvoor hij beloond wordt met datgene wat hij nodig heeft/wil.

Valt je hond uit omdat hij bang is voor andere honden? Vermijd dan andere honden tijdelijk zodat hij dit niet meer oefent en als beloning voor het zien van een hond op grote afstand zorg je voor NOG meer afstand.
Blaft je hond in de tuin op de buren? Zorg er dan voor dat hij die buren niet meer ziet en dat hij bij het horen van de buren bv. een speeltje pakt om op te kauwen of mee te spelen i.p.v. als een gek tekeer te gaan. 

Bij ongewenst gedrag moeten we echter wel het onderscheid maken tussen constructief en destructief gedrag. Graaft je hond elke keer je bloemenperkje uit? Doet hij dat dan omdat hij teveel energie heeft en zo z’n stress kwijt wil? Dan is dat een vorm van natuurlijk gedrag waarmee hij met stress omgaat. Is hij daarna rustig en heeft dit dus gewerkt om zich beter te voelen? Voorzie dan een stukje in de tuin waar hij WEL mag graven.
Maar doet hij dit om zich beter te voelen en werkt het niet? Blijft hij obsessief graven, graaft hij bij elke kans die hij krijgt en blijft hij onrustig? Dan is er meer aan de hand…

Start at the beginning

Ga dus altijd op zoek naar waarom je hond doet wat hij doet en zet als eerste stap vol in op management. (wat dat juist is lees je HIER) Leer je hond aan wat je wel wil zien of wat hij wel mag doen en ga samen voor een betere verstandhouding en duidelijke communicatie.

Wil je hier hulp bij of weet je niet waar te beginnen? 

Boek dan hieronder je gratis gesprek en we bekijken of en hoe ik je kan helpen.

Spread the word

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email
Share on print

Meer weten over honden en hun gedrag?